Vijf broden en twee vissen

Laatst was ik te gast bij een kerkenraad met enkele genodigden. ‘Laat ons kennismaken met waarderende gemeenteopbouw!’ De gemiddelde leeftijd was hoog. De moed zonk me even in de schoenen. ‘Zijn leiders op leeftijd in staat de gemeente de toekomst in te leiden?’.

We zijn inmiddels drie maanden verder. Het beeld is hoopvol. Ruim 60 mensen vertelden in meerdere bijeenkomsten over waardevolle ervaringen met hun eigen geloofsgemeenschap. Ook analyseerden ze wat deze voorbeelden bijzonder maakten. De verhalen geven een goed beeld van het ‘DNA’ van deze gemeente.

‘Je mag kwetsbaar zijn’, ‘Je wordt geaccepteerd zoals je bent’, ‘Er is geen prestatiedwang’, ‘De zegen sterkt ons’. ‘Kleine groepen’, ‘Een goed inhoudelijk gesprek’, ‘Ruimte geven’ ‘We durven afwijken van vaste paden’, ‘We geven concrete hulp in de wijk’. Hoe waardevol! Zo’n gemeenschap wens je toch ieder mens toe?

We staan voor de volgende fase: dromen over de toekomst op basis van genoemde sterke punten. En weer is er in mij dat vervelende stemmetje: ‘Is het voldoende …?’

Tussen alle goede voorbeelden, vind ik op een volgeschreven werkblad een verhaal uit de bijbel. ‘Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg te gaan. Jullie moeten hun te eten geven.’ Zij zeiden Hem: ‘Wij hebben hier niets anders dan vijf broden en twee vissen.’ Hij zei: ‘Breng die hier.’ Hij verzocht de mensen op het gras te gaan zitten, nam die vijf broden en twee vissen, keek op naar de hemel, sprak de zegenbede uit, Hij brak de broden en gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze aan de mensen. Allemaal hadden ze volop te eten. Ze haalden de brokken op die over waren, twaalf korven vol.’ (Willibrordvertaling Katholieke Bijbelstichting)

Wat er is is meer dan voldoende. En wat gaat er gebeuren als het goede vermenigvuldigd wordt?

Oude mensen wijzen de weg. Wanneer ben je eigenlijk oud? Met goede hoop en verwachting ga ik -met hen- de droomfase in.

Else Roza

Boekenlegger op de permalink.

Reacties gesloten